Waarvoor heeft de EU een Defensiefonds nodig van 13 miljard euro?

sticker no EU money 4 arms Europees Parlement
De organisatie die we tot nu toe kenden als een vredesproject, is ten prooi gevallen aan de wapenhandelaars die ze inhuurde om advies te geven over militaire strategie. Dat stelt Andrew Smith, woordvoerder van het Britse CAAT

Er wordt weleens gezegd dat de Europese Unie het meest succesvolle vredesproject ter wereld is. De pleitbezorgers wijzen naar de eeuwen oorlog die voorafgingen aan het ontstaan van de Unie, en de vrede die erop volgde. Maar de houdbaarheid van de stelling wordt op de proef gesteld, wanneer Europese overheden een rol spelen in de bewapening van conflicten wereldwijd, terwijl ze een repressieve antivluchtelingen politiek voeren tegen de mensen die oorlog ontvluchten.

Deze week kwam de reputatie van de EU als vredesproject nog meer onder druk te staan, toen een duidelijke meerderheid in het Europees Parlement stemde voor het opzetten van een Europees Defensiefonds. Het fonds voorziet 13 miljard euro over een periode van zeven jaar voor onderzoek en ontwikkeling van geavanceerde wapens en militaire technologie. Het was de voorzitter van de Commissie, Jean-Claude Juncker, die het fonds aankondigde in 2016. Later dat jaar schaarde de Europese Raad zich achter het voorstel. Een handvol pilootprojecten werden gelanceerd in 2017, voor een totaalbedrag van 590 miljoen euro. De schaal van die projecten en hun budgetten zinken in het niets bij wat er deze week werd goedgekeurd.

Dit is niet het Europese leger, het vaak gebruikte schrikbeeld van het anti EU kamp. De pilootprojecten waren gericht op onbemande en autonome systemen. Het voorstel waar deze week over werd gestemd, benoemt specifiek 'disruptieve technologieën' als een focus. Die worden omschreven als wapens of technologieën die het concept oorlog en het voeren van oorlog radicaal kunnen veranderen. Europees geld zal met andere woorden de weg vrijmaken voor nieuwe controversiële technologie zoals artificiële intelligentie en drones.

Het is geen verrassing dat wapenhandelaars het fonds verwelkomen. Hun invloed speelde vanaf het begin. Met name de adviesgroep (gekend onder de naam 'Group of Personalities') die de eerste schets voor het fonds maakte, bestond uit 16 leden, waarvan er 7 voor wapenbedrijven werkten. Met inbegrip van CEOs en senior personeelsleden.

De wapenindustrie werd betrokken om de EU te adviseren over militaire strategie en verkondigde daarbij dat er meer financiële ondersteuning nodig was voor de industrie. Hoe hadden ze iets anders kunnen verkondigen? Het hele proces doet ernstige vragen rijzen over transparantie. Zes van de bedrijven die intussen geld kregen binnen het pilootproject, waren betrokken bij die eerste adviesgroep.

Er is onduidelijkheid over waar het geld vandaag zal komen. Betekent dit fonds dat er 13 miljard geschrapt zal worden binnen andere budgetlijnen? Welke posten gaan er geschrapt worden? Ook over hoe beslist wordt waar het geld naartoe gaat en welke checks en balances er hiervoor worden ingebouwd bestaat er onduidelijkheid. Hoe wordt vermeden dat dit gewoon een blanco cheque wordt voor de wapenindustrie?

Met het voorruitzicht van de Brexit lijkt het misschien verleidelijk voor Britse activisten om dit niet als hun probleem te zien. Dat zou echter voorbijgaan aan de globale aard van de wapenindustrie. De EU brengt enkele van de grootste wereldwijde wapen-exporterende landen samen. De wapens die ontwikkeld worden met handenvol belastinggeld kunnen de oorlogen en mensenrechtenschendingen van de toekomst voeden.

De rol van het Verenigd-Koninkrijk op lange termijn moet nog bevestigd worden, maar de politieke verklaring die Theresa May onderhandelde voorziet dat de VK ook in de toekomst bijdraagt aan het fonds en dat Britse bedrijven er beroep op kunnen doen. Het ligt voor de hand dat elke toekomstige deal die onderhandeld wordt met de EU hetzelfde voorziet. Westminster neemt misschien afstand van het politieke project, dat betekent niet dat militaire banden worden losgemaakt.

Het staat buiten kijf dat er een internationaal antwoord moet komen op internationale veiligheid. Europese landen zouden moeten samenwerken en investeren in jobs en onderzoeksprojecten die duurzame industrieën ondersteunen en die erop gericht zijn een oplossingen te zoeken voor conflicten. Deze week riepen 1000 wetenschappers, academici en onderzoekers Europarlementsleden op om het fonds niet goed te keuren. De EU zou tijd en middelen moeten inzetten op het aanpakken van de grondoorzaken van conflicten, in plaats van militair onderzoek te financieren, aldus de wetenschappers.

Wat er ook onder het verzet tegen het fond schuilgaat is de nog veel belangrijkere vraag over welk Europa we willen. Ongeacht de uitkomst van de Brexit is dit iets wat ons allemaal aanbelangt. Niet enkel het VK staat op een kruispunt – het hele continent staat op een kruispunt. Vanaf de moment dat dit soort veranderingen ingemetseld geraken, zijn ze erg moeilijk terug te draaien. Als de EU werkelijk het meest succesvolle vredesproject ter wereld is, dan moet ze investeren in mensen en vredesopbouw, niet in wapenverkoop, militarisme en oorlog.

Andrew Smith is woordvoerder van de Britse organisatie CAAT (Campaign Against the Arms Trade)